De SIDE StoryCycle

De StoryCycle is een proces voor narratief evalueren van situaties en ontwikkelingen in organisaties, markten en de maatschappij.

 

SIDE staat voor de vier fasen Sharing, Insighting, Developing, Evolving (Delen, Inzicht, Ontwikkelen, Evolueren) die samen de StoryCycle vormen.

 

StoryConnect helpt organisaties hiermee sneller innoveren, betrouwbaarder zelf-organiseren, duurzamer transformeren, waakzamer zijn en krachtiger beleid vormen en evalueren.

 

Dát is het SIDE effect.

De SIDE StoryCycle

De StoryCycle bestaat uit vier fasen: Delen, Inzicht, Ontwikkelen en Evolueren (SIDE = Sharing, Insighting, Developing en Evolving). Wij helpen onze klanten deze fasen te doorlopen om inzicht te krijgen in wat er speelt en  betere beslissingen te nemen. De StoryCycle is breed toepasbaar, maar extra nuttig voor complexe uitdagingen en in onzekere omstandigheden.

De vier fasen van de SIDE StoryCycle

Fase: Delen & duiden

In de Delen & duiden fase worden narratieven verzameld en van individuele betekenis voorzien via een van de vele StoryMethods.

Bij de start van de ontwikkeling van een toepassing zijn observatie en inventarisatie vaak de beste manier om snel inzicht op te bouwen. We lopen bijvoorbeeld mee met medewerkers of spitten door archieven,e-mails, ideeën- of klachten-bussen.

Ook doen we – liefst samen – literatuurstudie, het bestuderen achtergrondinformatie over het onderwerp. Dat kunnen interne documenten zijn, wetenschappelijke modellen, bestaande vragenlijsten, enz.

Eventueel organiseren we aanvullend StoryTables en StoryInterviews. Of we verspreiden een eenvoudig StoryPoint als mensen niet fysiek bij elkaar kunnen komen, geen tijd hebben of interviews (vanwege afstand of tijd of geld) niet mogelijk zijn.

In latere cycli wordt meestal een geavanceerd StoryPoint ingezet al dan niet in combinatie met campagnes op sociale media om vertellers te bereiken.

En zijn dus vele manieren om het delen van narratieve te bevorderen. Eventueel trainen we hiervoor ook uw medewerkers via de StoryAcademy™.

Fase: Inzicht & betekenisgeving

In de Inzicht & betekenis fase werken groepen mensen met ervaringen en/of met de patronen die zichtbaar zijn geworden in data die ontstaat doordat mensen vragen beantwoorden over hun ervaringen. Het doel is om de betekenis ervan voor de organisatie te ontdekken.

Groepen mensen ontdekken zo signalen, trends en verbindingen. Dat doen ze door ervaringen te selecteren, informatie uit de ervaringen te aggregeren, samen tijdlijnen en landschappen te bouwen.

Deze fase gaat ook over de betekenis die de groep of organisatie toekent aan de gevonden trends, ontwikkelingen, kansen en bedreigingen.

Fase: Ontwikkelen & beïnvloeden

In de Ontwikkelen & beïnvloeden fase worden de betekenissen uit de Inzicht fase vertaald naar interventies. Hieraan worden hoge eisen gesteld omdat de interventies een samenhangend geheel moeten worden. Er moet  immers rekening gehouden worden met de complexe aspecten van het systeem. Dat wil zeggen dat het onzeker is hoe het systeem gaat reageren op de interventies.

Voor het inschatten van deze onzekerheden hebben we het SenseCanvas ontwikkeld. Het canvas biedt 8 vormen van interventies die allemaal moeten worden uitgelegd met een narratief. Uiteraard kunnen deze interventies worden gecombineerd voor meer effect of juist om te testen welke interventies gewenste of ongewenste effecten veroorzaken.

Eén van de interventiesoorten is StoryTelling. Deze term is de laatste jaren bekend geworden als een vervanger voor saaie powerpoint presentaties van directeuren en een nieuwe vorm van reclame maken. In feite zijn alle interventies echter een soort storytelling omdat ze altijd nieuwe narratieven veroorzaken.

Tenslotte, StoryConnect levert standaard geen inhoudelijke consultancy op basis van de inzichten. Soms worden we  toch gevraagd om – meestal samen met een partner met inhoudelijke kennis van een markt of vakgebied – gevraagd  om ook advies te geven naar aanleiding van een onderzoek of over inhoudelijke zaken die naar voren komen in een proces. In zo’n – vrij uitzonderlijk geval – wordt StoryConnect zelf een van de actoren.

Fase: Evolueren & transformeren

In de Evolueren & transformeren fase doen de interventies hun werk. Hierdoor komen veranderingen tot stand, hopelijk op de gewenste manier. In de meeste gevallen echter zijn er ook bijeffecten en komen er dingen boven water waar geen rekening mee gehouden was.  En vaak zijn er ook externe ontwikkelingen die daarop invloed hebben omdat concurrenten bewegen, klanten van mening veranderen, crisissen optreden (zowel fysiek als in de communicatie) of overheidsbeleid wordt aangepast.

De activiteiten van StoryConnect zijn in de Evolueren fase meestal beperkt tot observeren van de effecten van onze ontwikkel- activiteiten en de reactie op het werken met narratieven. Tenzij we – zoals aangeven bij de Beslissen & beïnvloeden fase – als inhoudelijk consultant worden gevraagd.

De effecten en bijeffecten van de gerealiseerde verandering en de externe ontwikkelingen kunnen worden “gezien” door deze weer te delen en te duiden. Daarmee is de StoryCyle rond en begint er een nieuwe cyclus.

De StoryCycle wordt in een project minstens twee keer doorlopen.

  • Eén keer om het onderzoeksplan of een procesontwerp te maken of aan te passen.
  • En één keer om het narratieve onderzoek uit te voeren of het narratieve bedrijfsproces in de praktijk te brengen.

Beide cycli leveren zowel inhoudelijke resultaten (inzicht, laaghangend fruit) als ontwikkeling van de oplossing op. Alleen ligt de nadruk in de eerste Cyclus altijd wat meer op ontwikkeling dan in de 2e en latere Cycli.

Onderzoeken – bijvoorbeeld klantbeleving of productgebruik – kunnen periodiek worden herhaald. Processen (bijvoorbeeld monitoring van kwaliteit, van dienstverlening of veiligheid) kunnen worden doorontwikkeld tot continue toepassingen in het primaire proces van de klant.

Bij hergebruik van een eerder ontwikkelde oplossing is de ontwikkelinspanning vaak wat meer gericht op het aanpassen van het ontwerp (zowel procesmatig als technisch) en/of op de omgeving (klant, markt, vertellers, enz.). Wij leveren dus altijd maatwerk, we hergebruiken echter ook zoveel mogelijk delen van eerdere oplossingen.

Ondersteunende activiteiten

Met vier ondersteunende activiteiten ontwerpen we narratieve processen en ondersteunde gereedschappen, helpen we patronen, trends en zwakke signalen te detecteren. Ook faciliteren we groepen daaraan betekenis te geven en interventies vorm te geven en evalueren we de effecten op de narratieve ecologie.

De ondersteunde activiteiten zorgen voor beheersbaarheid, schaalbaarheid en kwalitatief hoogstaande ontwikkeling, uitvoering en adoptie.

Activiteit: Ontwerpen

Ontwerpen bevat alle ondersteunende activiteiten die gaan over het op maat ontwerpen van de StoryCycle en de bijbehorende gereedschappen. De ontwerpactiviteiten leiden tot:

  • Het CyclePlan waarin – voor de komende cycle afspraken worden gemaakt over
    • Doelen – wat willen we bereiken?
    • Focus – welke inhoudelijk vraagstuk of uitdaging staat centraal?
    • Omvang – Hoe groot pakken we het aan. Hoeveel ervaringen willen we mee werken? Wel of geen campagne op sociale media, e.d.?
    • Relaties – Met wie werken we samen? Bijvoorbeeld om vertellers te bereiken of de kwaliteit van inzichten op niveau te krijgen.
    • Breedte – Wat nemen we wel of niet mee in deze cycle?
    • Nadruk – Welke fasen zijn belangrijk. Bijvoorbeeld StoryListening of juist StoryInsight of …..?
  • Het StoryFramework. Dit is het ontwerp voor het uitleggen van het doel van het project aan vertellers. Het uitlokken van ervaringen, vragen over de ervaringen, context, verteller, enz. Het StoryFramework ontwikkelt zich in de loop van de tijd van eenvoudige open ontwerpen tot een samenhangende set waarmee zwakke signalen van verandering en beginnende trends kunnen worden opgemerkt.
  • Het StoryFramework wordt vertaald naar een papieren StoryForm of een digitaal StoryPoint op het web of de StoryConnect App.
  • Het  CollectionPlan beschrijft hoe de gewenste omvang (en diversiteit) wordt bereikt. En wie daarvoor welke activiteiten gaat uitvoeren.
  • Een ResponseDashboard biedt een klant continue zicht op hoeveel narratieven worden gedeeld en/of een CustomerDashboard waarmee – door de StoryConnect Academy getrainde – klanten zelf eenvoudige StoryMethods kunnen uitvoeren op de narratieve data.
  • Een StoryWorkbench geeft de StoryConnect backoffice de mogelijkheid een patroon-evaluatie uit te voeren (zie StoryPatterns activiteit).

Uiteraard houden we bij het ontwerpen altijd rekening met uw planning, uw wensen en uw mogelijkheden.

Activiteit: Faciliteren

Onze facilitators ondersteunen groepen bij het vormen van inzicht en het samenstellen van een samenhangende set veranderingen.

Activiteit: Detecteren

Detecteren gaat over het vinden van opvallende patronen, trends en zwakke signalen in de grote hoeveelheid narratieve data. Het resultaat hiervan is een VersnellingsRapport, een set informatie die gebruikt wordt in inzicht-bijeenkomsten. Een Versnellingsrapport bestaat uit:

  • Informatie over het project of onderwerp.
  • Informatie over hoe de inzicht-bijeenkomst gaat verlopen.
  • Opvallende patronen en signalen in de duidingsdata. Deze worden geïllusteerd met quotes en narratieven. En voorzien van tegenstrijdige mogelijke interpretaties.
  • VerhaalKaarten met narratieve en duidingsdata per narratief.

Activiteit: Traceren

De Traceren activiteit gaat over alle aspecten van het StoryCycle. Zo evalueren we de gerealiseerde veranderen, maar ook hoe de fasen Delen, Inzicht opbouwen en Beslissen zijn verlopen. Zowel inhoudelijk als qua draagvlak en procesmatig. De Traceren fase levert de informatie waarmee het ontwerp en de ondersteunende tools klaar gemaakt kunnen worden voor de volgende StoryCycle.