“Werkbelevingsonderzoek; mag het alsjeblieft anders?” Afgelopen week sprak ik een directeur van een grote organisatie, die deze vraag stelde. Hij was de cijfers zat en gaf aan dat die wat hem betreft niet veel betekenis hadden. Hij zei: “ik snap dat tellen belangrijk is, maar waarom tellen we werkbeleving?” Dat was een rake uitspraak.

Als organisatiepsycholoog voerde ik bij de Luchtmacht werkbelevingsonderzoek uit. Ik heb een passie voor tellen en statistiek. Dus trots presenteerde ik dan de getallen, de verschillen per groepen, op thema en verschuivingen over tijd. Irritant vond ik het als een commandant me dan de terechte vraag stelde: “Wat is het verhaal achter de cijfers?” Dat kon ik niet beantwoorden. Mag het anders? Die vraag kan ik niet beantwoorden. Kan het anders? Die vraag kunnen we inmiddels wel beantwoorden.

Ja, dat kan. Op meerdere plekken in het land voeren we nu projecten uit, waarbij verhalen van werknemers de basis vormen. Ze delen verhalen over wat zij meemaken in hun werk en daarna beantwoorden ze enkele vragen over hun gedeelde verhaal. Dit werken we samen met mensen uit de organisatie op tot inzichten en verbeteracties. Vertellen over beleving van je werk is denken we beter dan tellen. En als statisticus ben ik blij dat we naast kwalitatieve data (=het verhaal) ook kwantitatieve data (=beantwoording van vragen over het verhaal) hebben zodat bijvoorbeeld (kleine) veranderingen over tijd ook goed te volgen zijn.

Focus van de huidige projecten: redesign van werk na Corona, verhaal achter het ziekteverzuim, verlagen van risico op verloop, narratief werkbelevingsonderzoek, optimalisatie van betekenisvol werk door innovatie.

Narratief werkbelevingsonderzoek